← Vorige pagina

ESP Opleiding sportfysiotherapie level 2

  • Prijs:
    3497
  • Accreditatiepunten:
    320 punten
  • Prijs per punt:
    € 11
  • Vakdomein:
    Algemeen
  • Cursusvorm:
    Cursus
  • website: Physio Education & Science
    • Datum:
      Locatie: Gennep

Veel fysiotherapeuten die opzoek zijn naar een master opleiding kiezen uiteindelijk voor deze praktische post HBO sportfysiotherapie opleiding.
Jij wilt je specialiseren en bent opzoek naar een opleiding die aansluit bij het dagelijkse werk, bekijk de leerdoelen en voordelen van de opleiding.

Onze tweejarige opleiding ESP sportfysiotherapie leidt fysiotherapeuten op tot specialistisch professional in de sportgezondheidszorg. Als sportfysiotherapeut help je bij het voorkomen van letsel, herstel van optimale functies en de verbetering van sportprestaties. Je adviseert, begeleidt en behandelt topsporters en recreatieve sporters, maar ook mensen met een chronische aandoening en specifieke doelgroepen van alle leeftijden. Een bachelor fysiotherapie is minimum vereist voor deze opleiding.

Inleiding

Waarom zou u kiezen voor de ESP sportfysiotherapie opleiding?

Het motto van de ESP sportfysiotherapie opleiding is: 50% theorie + 50% praktijk = 100% opleiding. De kracht ligt in de klinische vertaalslag: de nieuwe kennis en vaardigheden zijn direct toepasbaar in diagnostiek en revalidatie van uw eigen patiënten. U krijgt in deze opleiding de “state of the art” op vakinhoud aangeboden van docenten die al veel ervaring hebben in het werkveld, internationaal.

Doelstellingen

De tweejarige ESP sportfysiotherapie opleiding leidt op tot een specialistische professional op het gebied van de preventie, curatie, revalidatie en re-integratie in de sportgezondheidszorg. In de ESP opleidingen staat de sporter als biopsychosociale eenheid participerend in zijn/haar context centraal.

De sportfysiotherapie opleiding draagt zorg voor het ontwikkelen, samenstellen en aanbieden van een samenhangend geheel van competenties waarmee studenten

  • zich kunnen oriënteren, bekwamen en vormen in kennis, technische en relationele vaardigheden, attitude en persoonskenmerken van een beginnende sportfysiotherapeut.
  • als beginnend sportfysiotherapeut breed inzetbaar zijn in het werkveld van de sportfysiotherapie en op bepaalde gebieden een meer dan gemiddeld kennis-, vaardigheids- en attitudeniveau ontwikkelen.
  • de gekozen individuele leerweg optimaliseren, met inachtneming van aanleg, motivatie en vorderingen.
  • zich ontwikkelen in de rollen van specialist. Het accent in de ESP sportfysiotherapie opleiding ligt op het gebied van specialist.

Inhoud

De ESP-opleiding bestaat uit twee studiejaren: level 1 en level 2. Elk level bestaat uit drie onderwijsblokken. Centraal in elk onderwijsblok staat de onderwijsweek. De onderwijsweek start altijd op zondag en eindigt op vrijdag. Deze zes dagen van intensief van en met elkaar leren zorgen voor voldoende verdieping in het vakgebied sportfysiotherapie. Elke lesdag begint om negen uur en eindigt om vijf uur in de middag, met een uur pauze voor een goede lunch en een korte wandeling in het bos of een extra kopje koffie. Je bereidt de onderwijsweek voor aan de hand van een aantal opdrachten die je in de weken voor de onderwijsweek uitvoert. Na afloop van de onderwijsweek verwerk en integreer je de nieuwe kennis en vaardigheden in bestaande voorkennis. Ook dit gebeurt aan de hand van opdrachten. Voor elk blok ontvang je een handige blokhandleiding waardoor je altijd overzicht hebt en jouw eigen leertempo kunt bepalen.

Gedurende de zes blokken van de opleiding sportfysiotherapie staan de vijf doelgroepen centraal waarmee je als sportfysiotherapeut in aanraking komt. Een opleiding tot sportfysiotherapeut is niet alleen bedoeld voor fysiotherapeuten die met topsporters werken. Slechts een klein percentage van fysiotherapeuten werkt in de topsport. De ESP-opleiding besteedt vooral aandacht aan het begeleiden van andere doelgroepen waar specialistische kennis en ervaring een vereiste is, zoals:

  • Prestatiegerichte sporters.
  • Recreatieve sporters.
  • Mensen met deconditioneringsproblematiek: het verantwoord activeren van mensen die bijvoorbeeld niet aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen voldoen.
  • Mensen met een chronische aandoening: het uitvoeren van bewegingsprogramma’s voor mensen met diabetes type 2, COPD en coronaire problematiek.

Beoordelingen

Plaats een reactie